....

    Ik klamp mij vast aan mijn uitgezochte figuren en archetypen. Monsieur Ciney, hoewel reeds gestorven, rozenverkopers die de cafés betreden, de dieren, ik heb er nog wel een paar die niet mijn schrijven, maar in mijn realiteit terugkomen wanneer mijn schrijven zich »aan mij« aanmeldt.

    Zo kent iedereen zijn zelfverklaarde verhalen, zijn eigen verhalen –meestal één– duizenden keren als een noodzakelijkheid verteld. Terwijl ons leven, de actualiteit van het moment nooit zo is en naar alle richtingen zou kunnen opschieten. Het opene van het moment; een gevoelige Duitser voelt dit erg goed aan door te spreken over Geschichte – verhaal en geschiedenis in één woord. Wij vertellen onze verhalen en onze verhalen vertellen ons. Tot wij denken slechts één verhaal, één Geschichte te hebben, alle punten van ons leven als rechtlijnigheid, één geschiedenis die ons verklaart.

    Het is nooit zo. Hoe veel en hoe vaak je ook probeert om van punt naar punt te springen, het blijft een sprong in het vertellen, en daarmee een fictie die je overbrugt. Het verlangen naar zelfgekozen figuren en enkele archetypen is de beslissing over datgene wat over ons beslist te beslissen. Het is het emanciperen van de tijd, dat te beheersen wat ons beheerst: de tijd.